Veel gestelde vragen

Over permacultuur

Ja! Of je nu een landgoed, agrarische grond, grote achtertuin, kleine stadstuin of balkon hebt: permacultuurprincipes zijn overal toepasbaar. Het gaat vooral om observeren, goed plannen en stap voor stap werken met wat je hebt.

Begin met observeren: waar valt de zon, waar blijft het lang nat, welke planten doen het goed? Daarna kun je:

  • Mulch aanbrengen om de bodem te beschermen
  • Composteren of bodembedekkers planten
  • Eetbare vaste planten toevoegen

Je hoeft niet alles in één keer om te gooien. Begin klein!

  • Gebruik compost of bladaarde
  • Laat plantenresten liggen als mulch
  • Voeg geen kunstmest toe, maar voed de bodem met organisch materiaal

Een gezonde bodem zit vol leven — en dát voedt je planten.

  • Meerjarige groenteplanten zoals eeuwig moes, rabarber of asperge
  • Kruiden zoals bieslook, tijm en citroenmelisse
  • Fruitstruiken en -bomen
  • Bloemen die insecten aantrekken, zoals goudsbloem of komkommerkruid

Denk in gilden: combinaties van planten die elkaar ondersteunen. Overweeg mijn publicatie 'Permacultuurgids' aan te schaffen.

  • Zorg voor natuurlijke vijanden: vogels, egels, padden en kevers
  • Gebruik geen gif
  • Mulch slim en gevarieerd
  • Kijk naar het evenwicht: plagen duiden vaak op een verstoord systeem
  • Vang regenwater op in regentonnen, IBC-tanks, oude mestput, (ondergrondse) watertanks
  • Plant op contour, mincombinatie met een swale  (hoog-laagverschil gebruiken)
  • Gebruik mulch om verdamping te verminderen
  • Overweeg een wadi, een poel of een vijver voor opvang en biodiversiteit

In het begin vraagt het wat denkwerk en aanpassing. Maar op termijn zorgt een goed ontworpen permacultuurtuin voor:

  • Minder onkruid
  • Minder water geven
  • Minder werk, méér oogst
  • Laat de natuur meehelpen!

Over voedselbossen

Een voedselbos is een door mensen ontworpen ecosysteem dat voedsel produceert. Het bootst een natuurlijk bos na, met verschillende lagen van eetbare planten, struiken en bomen. Denk aan noten, fruit, eetbare bladeren, wortels, kruiden, bloemen en zelfs paddenstoelen.

Dat hangt af van je doelen, bodemtype, ligging en beschikbare tijd. Maar: voedselbossen kunnen op allerlei gronden worden aangelegd — van zand tot klei, van nat tot droog. Ook kleinere percelen (vanaf 500 m²) kunnen al interessant zijn voor biodiversiteit en eigen gebruik.

Een voedselbos kan klein zijn (achtertuin of erf van 100 m²) of groot (meerdere hectares). Voor commerciële doelen of ecologische impact is 0,5 tot 2 hectare een mooie schaal. Maar ook een strook langs een perceelrand of een boomgroep op een erf kan al voedselbosfuncties vervullen.

  • Observeer je grond: zon, water, wind, bodem
  • Bepaal je doelen: voedsel, natuur, educatie, recreatie?
  • Laat eventueel een bodemtest doen
  • Maak een ontwerp met lagen en geschikte soorten
  • Begin met windsingels, structuurbomen en bodemverbetering

Start klein, denk groot — en bouw stap voor stap verder.

Een goed voedselbos bevat meerdere lagen, zoals:

  • Notenbomen (walnoot, tamme kastanje)
  • Fruitbomen (appel, peer, moerbei)
  • Bessenstruiken (josta, honingbes, framboos) • Eetbare bodembedekkers (aardbei, daslook)
  • Klimmers (kiwibes, hop)
  • Eetbare kruiden (citroenmelisse, munt)

De keuze hangt af van bodemtype, ligging, en persoonlijke voorkeur. Overweeg mijn publicatie 'Permacultuurgids' aan te schaffen.

In principe niet. Een goed ontworpen voedselbos is op termijn zelfvoorzienend:

  • Gebruik mulch en bodemverbeteraars (blad, compost, houtsnippers)
  • Plant stikstofbinders 
  • Zorg voor goede waterafvoer en opvang (wadi’s, vijvers)

Houd er wel rekening mee dat jonge aanplant in de eerste jaren wel regelmatig water moeten hebben om uitval te voorkomen.

De eerste jaren vragen aandacht voor:

  • aanplant
  • mulch
  • onkruidbeheersing (vooral gras)

Daarna neemt de behoefte aan ingrijpen af. Een volwassen voedselbos onderhoudt zichzelf grotendeels. Wel is jaarlijkse oogst, lichte snoei en monitoring gewenst.

  • Gezond voedsel (noten, fruit, kruiden, paddenstoelen)
  • Biodiversiteit en natuurlijke plaagbestrijding
  • CO₂-vastlegging en klimaatadaptatie
  • Rust, beleving en educatieve waarde
  • Commerciële afzet of zelfvoorziening

De meeste oogst begint vanaf jaar 3–5, met piekopbrengst na 10–15 jaar.

Ja, in veel gevallen wel. Belangrijk:

  • Check het bestemmingsplan: “agrarisch” is meestal voldoende, maar er zijn veel uitzonderingen
  • Let op GLB-regels: afhankelijk van inrichting kan dit invloed hebben
  • Informeer bij je gemeente of provincie bij twijfel

Er zijn ook mogelijkheden voor agrarisch natuurbeheer (ANLb) en boslandbouw

Ja. Afhankelijk van locatie en doel kun je gebruik maken van:

  • Klimaatadaptatie-regelingen
  • Groene ontwikkelfondsen (bijv. provinciaal)
  • Agrarisch natuurbeheer (ANLb)
  • Europese fondsen (LEADER, POP3/POP4)
  • Particuliere fondsen of sponsoring bij maatschappelijke doelen

In Nederland en Vlaanderen zijn inmiddels tientallen voedselbossen te bezoeken. Veel voedselbossen zijn particulier en niet vrijblijvend te bezichtigen. Wel worden in het groeiseizoen regelmatig rondleidingen gegeven.

  • Volg een cursus of excursie bij een voedselbosontwerper
  • Volg mijn online cursus Leer je eigen tuin ontwerpen
  • Lees boeken zoals van Martin Crawford, Louis de Jaeger en Madelon Oostwoud (zie ook deze pagina voor aanbevelingen)
  • Sluit je aan bij netwerken zoals Stichting Voedselbosbouw of Voedsel uit het Bos
  • Vraag een adviesgesprek  aan voor je eigen locatie

Over paddock paradise

Een Paddock Paradise is een uitgedacht huisvestingssysteem voor paarden waarbij hun natuurlijke gedrag en behoefte aan beweging centraal staan. In plaats van een kale paddock of weiland krijgen paarden een slingerende route (track) met voerplaatsen, rustpunten en prikkels onderweg.

  • Meer beweging en minder verveling
  • Minder kans op hoefproblemen zoals hoefbevangenheid
  • Sociaal contact in een stabiele kudde
  • Gezonder gewicht door geleidelijk en verspreid eten
  • Beter voor de mentale balans van het paard

Dat hangt af van het aantal paarden, maar ook op een klein perceel kun je een Paddock Paradise aanleggen. Het gaat meer om vorm en inrichting dan om grootte. Een slingerende route langs de rand van het perceel is vaak al voldoende om beweging te stimuleren.

  • Trek een pad langs de buitenrand van je weiland of paddock
  • Zorg dat de track minimaal 2,5–3 meter breed is
  • Verdeel voer, water en rustplekken over de route
  • Maak variatie in ondergrond (zand, houtsnippers, tegels, natuur)
  • Bied natuurlijke prikkels zoals boomstammen, schuilplekken of speelobjecten

Ja, mits je zorgt voor:

  • veilige afrastering zonder scherpe randen
  • genoeg ruimte om elkaar te ontwijken
  • schuilplekken bij slecht weer
  • toegang tot schoon drinkwater en hooi

Bij twijfel kun je tijdelijk scheidingen maken met draad of gaas om gedrag te monitoren.

  • Leg de drukpunten aan met drainage en halfverharding
  • Gebruik bijvoorbeeld puingranulaat, lava, of paddockroosters
  • Vermijd intensief gebruik van zware voertuigen op natte grond
  • Zorg voor variatie in ondergrond zodat niet alles tegelijk nat wordt

Gebruik meerdere slowfeeders of hooinetten verspreid langs de route. Dat stimuleert beweging en voorkomt stress of dominantiegedrag. Voer kleine porties op meerdere plekken.

  • Richt aparte voerplekken of "voederstations" in met selectieve toegang
  • Gebruik eventueel graasmaskers voor paarden die te zwaar zijn
  • Bied extra's zoals krachtvoer of supplementen aan op momenten dat ze binnen zijn of apart staan

De aanleg vraagt wat investering in tijd en materialen, maar daarna levert het juist rust en structuur op:

  • Minder stalwerk
  • Minder verveling en gezondheidsproblemen
  • Meer plezier voor paard én eigenaar
  • Start klein, bijvoorbeeld met een eenvoudige track rondom een weiland
  • Observeer het gedrag van je paarden en pas de indeling aan
  • Bouw stap voor stap verder met schuilplekken, voerplekken en afwisseling
  • Laat je inspireren door andere stallen of eigenaren

Ja! Er zijn inmiddels tientallen Paddock Paradise-stallen, van particulier tot professioneel. Zoek op “natuurlijk paarden houden” of “paddock paradise” en bezoek eens een voorbeeldbedrijf.